Nederlands Kenniscentrum Angst, Dwang, Trauma en Depressie

Depressieve mensen hebben hogere/ “oudere” biologische leeftijden

6 augustus 2021 - Geplaatst onder: Depressie

‘Depressie is gelinkt aan een oudere biologische staat van lichaam en hersenen’, concludeert de Amsterdamse Laura Han in haar proefschrift. Zij promoveerde aan het Amsterdam Universitair Medisch Centrum (UMC) op het onderwerp ‘biologische veroudering bij depressieve stoornis.’ Aan ons het voorrecht om een aantal vragen over haar onderzoek te stellen.

Wat is biologische veroudering?

‘Bij een mens zijn er twee soorten verouderingen te onderscheiden: chronologische en biologische veroudering’, begint ze haar uitleg. ‘Onze chronologische leeftijd gaat simpelweg over: hoeveel kaarsjes mag je uitblazen op je verjaardagstaart? Biologische veroudering gaat over de biologische toestand van je lichaam en kan achter- of juist voorlopen op je kalenderleeftijd. Het is te vergelijken met je gehoorleeftijd: gedurende je leven wordt je gehoor slechter. Er zijn echter ook jongeren die slecht horen en ouderen die alles nog haarscherp horen: bij hen wijkt de gehoorleeftijd af van hun chronologische leeftijd. Gehoorleeftijd is kwaliteit van gehoor in verhouding tot de kalenderleeftijd.’

Waar richt uw onderzoek zich op?

‘Dat principe van gehoorleeftijd heb ik ook toegepast, maar dan op basis van andere biologische maten. In mijn proefschrift kijk ik naar zes biologische leeftijden bij mensen met een depressie. Hiervoor neem ik bepaalde patronen en biologische systemen onder de loep die onder andere gebaseerd zijn op de hersenstructuur.’ Eén van de maten die de Amsterdamse onderzoeker gebruikt, zijn de telomeer-lengten. ‘Telomeren zijn stukjes beschermende “dopjes” die aan het uiteinde van onze chromosomen zitten. Iedere keer als een cel zich deelt, om nieuwe huid, bloed of bot te vormen, gaat er een klein stukje af. Worden ze korter en korter. En hoe korter, des te hoger onze biologische leeftijd.’

Opzet onderzoek

Voor haar onderzoek had ze verschillende datasets tot haar beschikking, maar de hoofdbron was de Nederlandse Studie naar Depressie en Angst (NESDA; www.nesda.nl). ‘Aan deze grootschalige studie deden bijna 3.000 proefpersonen mee’, aldus Han. Een deel hiervan had een depressie of een angststoornis. Zij hadden hersenscans, bloed en DNA afgestaan dat werd geanalyseerd. ‘Daarnaast bestudeerden we ook hersenscans die het grootschalige, internationale ENIGMA-consortium verzamelde. Een samenwerkingsverband waarin maar liefst negentien verschillende onderzoeksgroepen van universiteiten overal ter wereld samenwerken.’

Wat waren de belangrijkste resultaten van uw onderzoek?

‘De belangrijkste bevinding was wel dat de biologische leeftijd bij depressieve personen voorloopt op de kalenderleeftijd’, zegt Han stellig. ‘Kortom, er is echt een link tussen depressie en een oudere biologische staat van lichaam en hersenen. Dit kan een mogelijke verklaring zijn waarom mensen met een depressie een groter risico lopen op ouderdomsziekten, zoals Alzheimer, hart- en vaatziekten en diabetes type-2. Daarbij zijn er ook andere factoren die bijdragen aan biologische veroudering, bijvoorbeeld overgewicht, verhoogd cholesterol-gehalte, hoge bloeddruk en roken.’

Implicaties voor de klinische praktijk

‘Dat er bepaalde risicofactoren zijn voor biologische veroudering kan betekenen dat we bij depressie-behandeling ook aandacht moeten geven aan lichamelijke symptomen. Bijvoorbeeld door een meer planmatige aanpak van leefstijl-aspecten: minder of stoppen met roken, gezonder eten, alcohol minderen en meer bewegen. Een kanttekening bij mijn onderzoek is dat we vooral werken met één meetmoment; voor vervolgonderzoek is het dus belangrijk om te werken met meerdere meetmomenten. Dan kun je het proces volgen. Kijken of je het “versnelde” verouderingsproces kan stopzetten of misschien zelfs terugdraaien.’

Verouderingsproces en antidepressiva

Een andere bevinding was dat veroudering op basis van hersenscans niet plaats leek te vinden als personen met depressie of angststoonissen antidepressiva slikten. Heeft antidepressiva dan een beschermende werking? ‘Ook dit gaan we uitzoeken in vervolgonderzoek’, vertelt Han enthousiast. ‘Hiervoor gebruiken we data uit de klinische trial genaamd “MOod Treatment with Antidepressants or Running” (De MOTAR-studie; www.motar.nl) met een controlegroep die geen medicatie krijgt. In dezelfde trial bekijken we ook running-therapie. Hypothese daarbij is dat de BMI door deze therapievorm lager wordt, waardoor de biologische veroudering misschien ook verandert. Ik ben benieuwd naar de resultaten ervan!’

​Link proefschrift

Han, Laura Kim Mae (2021), Biological aging in major depressive disorder. Geraadpleegd viahttps://research.vu.nl/ws/portalfiles/portal/129674220/L+K+M++Han+-+thesis.pdf.