Nederlands Kenniscentrum Angst en Depressie

GroenLinks over postnatale depressie: ‘Zorg schiet tekort’

9 januari 2018 - Geplaatst onder: Depressie

Jaarlijks krijgen 20.000 vrouwen een depressie tijdens of na hun bevalling. Dat betekent dat één op de acht Nederlandse moeders te maken krijgt met een postnatale depressie. De gevolgen van deze depressies zijn groot voor moeder én kind. GroenLinks vindt dat het taboe rondom postnatale depressies doorbroken moet worden en dat er meer aandacht voor moet zijn gedurende en na een zwangerschap.

Grijze wolk

Reden voor Tweede Kamerlid Corinne Ellemeet om dit onderwerp bij de begrotingsbehandeling van VWS in de Kamer aan de orde te stellen. Ellemeet licht toe: “Dit heeft niet alleen direct met geboortezorg te maken, maar raakt ook jeugdzorg en GGZ. Het onderwerp is daarom voor de twee ministers én de staatssecretaris van VWS belangrijk.

Een postnatale depressie is echt nog een blinde vlek binnen de zorg en krijgt niet de aandacht die het verdient. Dat het nog een behoorlijk taboe is, als je als pas bevallen vrouw niet op een roze maar op een grijze wolk zit, helpt ook al niet mee het onderwerp bespreekbaar en behandelbaar te maken.”

Grote risico’s

Vrouwen die te maken krijgen met een postnatale depressie schamen zich en voelen zich niet zelden ook eenzaam en onbegrepen. Dit kan vrouwen lang achtervolgen, en tot relatieproblemen leiden. Ook voor de ontwikkeling van baby’s zijn er grote risico’s op de korte en lange termijn. Denk aan hechtingsproblematiek. Op latere leeftijd komen emotionele en gedragsproblemen vaker voor. Van de kinderen van depressieve ouders ontwikkelt 40 procent een depressie voor het achttiende levensjaar.

Ellemeet: “In de zorgketen is postnatale depressie over het algemeen nog geen punt van aandacht. Alle aandacht gaat naar het kind en de zorg voor de moeder wordt als het ware vergeten. Op dat punt schiet de zorg helaas gewoon tekort.”

Opleiding, campagne en screening

Namens GroenLinks vroeg Ellemeet de ministers en de staatssecretaris van VWS om een aantal actiepunten: “Ten eerste willen we graag dat er een landelijke voorlichtingscampagne gestart wordt, met als doel het maatschappelijke taboe rondom postnatale depressie te doorbreken. Daarnaast willen we dat er meer aandacht komt voor het fenomeen in de zorg aan vrouwen die een kind krijgen. Binnen alle relevante opleidingen moet meer aandacht worden besteed aan postnatale depressie: de kraamhulp, verloskundige, medewerker bij het consultatiebureau en huisarts moeten daardoor sneller een postnatale depressie herkennen. En tot slot is het van belang dat er een standaard screening plaatsvindt bij de verloskundige; dit omdat een postnatale depressie zich vaak al openbaart tijdens de zwangerschap. Elk consultatiebureau zou laagdrempelige begeleiding aan moeders moeten bieden, en de voorbeelden van goede begeleiding zouden landelijk uitgerold moeten worden.”

Herkenning

“Veel mensen herkennen de problemen rond postnatale depressie, hebben het van dichtbij meegemaakt, dat geldt ook voor mij persoonlijk”, eindigt Ellemeet. “Het is dan ook bijzonder prettig dat de Kamer besloten heeft op korte termijn geld en middelen mogelijk te maken om onze wensen te realiseren. Aan deze beslissing ging overigens een lang traject van voorbereiding vooraf, waarin we met veel deskundigen gesproken hebben. Nu is het tijd om de plannen te realiseren. Ik zal het op de voet volgen, want het is belangrijk dat we allen vrouwen die met deze problematiek te maken krijgen, op de goede manier geholpen worden.”