Nederlands Kenniscentrum Angst en Depressie

Ervaringsdeskundige en auteur Marieke Sweens: “Houd psychische aandoening niet geheim.”

3 februari 2016 - Geplaatst onder: Angst, Depressie

Marieke Sweens kampt met de psychische aandoening borderline en was anderhalf jaar lang in dagbehandeling voor een depressie. Op haar werk hield ze deze last geheim. Tot ze besefte dat openheid haar enige redmiddel zou zijn. In haar boek Werken als een gek vertelt ze nu aan werkgevers én werknemers over hoe om te gaan met een psychische aandoening.

Gemiddeld één op de zes werknemers heeft een psychische aandoening. De meeste van deze werknemers houden hun stoornis het liefst geheim uit angst voor stigmatisering. Helaas is die angst nog terecht ook, zo zegt Marieke Sweens, beleidsmedewerker bij de gemeente Leiden en gediagnosticeerd met de psychische aandoening borderline.

Stoppen met het stigma

“Veel werkgevers zijn ervan overtuigd dat mensen met een psychische aandoening zich veelvuldig ziek melden en dus onbetrouwbaar zijn, en dat ze de hen opgedragen taken niet aankunnen”. Jammer genoeg is dat volgens Sweens iets wat veel mensen met een psychische aandoening zelf ook vaak geloven. Hoe we dat volgens haar openbreken? Door met elkaar in gesprek te gaan.

Ziek door geheimhouding

“Zoek maar een wat makkelijkere baan om niet opnieuw ziek te worden, was het advies dat ik kreeg van de therapeuten in het psychiatrisch ziekenhuis, waar ik vanwege een ernstige depressie anderhalf jaar in behandeling was.” En hoewel Sweens dat advies opvolgde, ging het toch weer mis. “Niet omdat ik vanwege mijn psychische aandoening niet geschikt ben om te werken. Maar omdat ik niet durfde te vertellen wat er aan de hand was en dus ook niet de juiste ondersteuning kon vragen. En dus liep ik voortdurend op mijn tenen en was ik na elke werkdag volledig uitgeput.”

In haar recent verschenen boek Werken als een gek, dé handleiding voor werken met een psychische aandoening voor werkgevers én werknemers staat beschreven hoe mensen op de werkvloer zo’n gesprek met elkaar kunnen aangaan.  Aan de hand van haar persoonlijke verhaal, vertelt Sweens hoe een werknemer z’n psychische aandoening bespreekbaar kan maken en hoe de werkgever daarmee kan omgaan. Wat die gesprekken opleveren? “Dat werknemers hun belemmeringen niet langer hoeven te omzeilen, maar hun talenten kunnen inzetten. Hun productiviteit stijgt, hun ziekteverzuim daalt. Winst voor werknemer én werkgever.”

Dagelijkse impact van stoornis

Het hebben van een borderline persoonlijkheidsstoornis laat dagelijks zijn sporen na bij Sweens.  “Ik heb veel moeite om mensen te vertrouwen en ze dichtbij te laten komen. Ik heb een grote angst voor afwijzing, ben er van overtuigd dat ik er niet toe doe en dat niemand me aardig vindt. Ik ervaar een gevoel van leegte en weet me geen raad met het leven. Sweens kan zo nog wel even doorgaan. Ze heeft last van sterke stemmingswisselingen door de dag heen, leeft voortdurend op een hoog spanningsniveau dat snel nog hoger wordt door kleine dingen en dan weer moeilijk omlaag te krijgen is. “Ook heb ik vaak indringende nachtmerries die ik overdag moeilijk van me af kan schudden, waardoor ik soms niet precies weet wat de werkelijkheid is en nog een restant van zo’n nachtmerrie.”

Om deze stoornis aan te kunnen volgde Sweens enkele jaren individuele psychotherapie. Ook was ze anderhalf jaar lang in dagbehandeling met onder andere dialectische gedragstherapie van Marsha Linehan en volgde ze een mindfulnesscursus. Daarbij kreeg Sweens een half jaar lang begeleiding door een sociaal psychiatrisch verpleegkundige en zat ze een jaar in groepspsychotherapie.

Leren zichzelf te accepteren

“Ondanks al die behandelingen heeft het lang geduurd voordat ik ontdekte hoe ik goed met mijn borderline kan omgaan. De therapieën richtten zich met name op wat niet goed ging en hoe dat anders moest, en nauwelijks op wat wel goed gaat en wat ik kan versterken. Daardoor was ik voortdurend ‘aan het klussen’ aan mezelf, was het nooit goed. Totdat ik leerde mezelf te accepteren zoals ik ben, mijn emoties te nemen zoals ze komen, en te zien wat mijn kracht is. Ik leerde dat  ik niet hoef te vechten tegen wat niet goed gaat.”

Leven op de handrem

Nog steeds moet Sweens rekening houden met haar kwetsbaarheid. Structuur, regelmaat en rust blijven belangrijk. “Soms moet ik me bewust terughoudend opstellen. Bijvoorbeeld tijdens een etentje met collega’s: ik zou makkelijk kunnen meegaan in de uitgelaten stemming, de jolige sfeer, de drukte van de anderen. Maar dan vlieg ik over de kop. Dus dan maar mijn mond meer dichthouden dan me lief is, mijn grenzen bewaken, en de tijd in de gaten houden.” Leven op de handrem noemt Sweens dat. Niet precies zoals ze haar leven ooit had voorgesteld. Maar inmiddels vindt ze het oké genoeg.

Het verbaast de blonde goedlachse Sweens nog altijd hoe weinig kennis er is over psychische aandoeningen. “Jij ziet er helemaal niet uit als een borderliner” of “Jij gedraagt je helemaal niet als een borderliner” zijn opmerkingen die ze zo vaak heeft gehoord. En waarmee het gesprek dan al eindigde voordat het goed en wel begonnen was.”

Weinig kennis over psychische aandoening

Verontwaardigd zegt ze: “Vergelijk dat eens met de kennis over bijvoorbeeld diabetes die vrijwel iedereen heeft of lijkt te hebben. Krijgen mensen die vertellen dat ze diabetes hebben ook te horen dat ze er helemaal niet als suikerpatiënt uitzien?”
Met het schrijven van blogs op haar eigen site wil Sweens laten zien dat mensen met een psychische aandoening echt niet zoveel anders zijn dan mensen zonder psychische aandoening. “Alleen hun reactie op sommige situaties is anders. Dus kijk verder dan alleen de klachten die deze mensen hebben, en zie hun krachten.”

Het kan iedereen treffen

Hoe kan het stigma van psychische kwetsbaarheid gehaald worden? Sweens denkt door er normaal over te doen en door te aanvaarden dat er heel veel mensen zijn (1 op de 4) met een psychische aandoening. “Het kan iedereen treffen. Net zoals alle andere ziektes iedereen kunnen treffen. Je bent niet zwak als je depressief wordt, je bent niet raar als je een angststoornis hebt, je bent niet gevaarlijk als je borderline hebt, en bent niet per definitie een ‘verwarde man’ als je last hebt van psychoses.”

Het helpt als de media zich bewust worden van hun bijdrage aan de beeldvorming, denk Sweens. “Bij autisme denken we bijvoorbeeld al snel aan Dustin Hofman als Rain Man – maar autisme kent zoveel meer varianten, mensen met autisme zijn niet allemaal contactgestoord en ook zijn het lang niet allemaal computernerds. Iemand met een psychische aandoening die een misdaad begaat is in de eerste plaats een misdadiger; pas na uitgebreid onderzoek kun je vaststellen in hoeverre zijn psychische aandoening tot die misdaad leidde. Krantenkoppen als “Patiënt ggz vermoordde die-en-die” zijn dan ook zeer stigmatiserend. We schrijven toch ook niet “Suikerpatiënt doodde die-en-die”?”

Werkgever moet begrijpen dat openheid moed vergt

Uit haar ervaring, openheid en frustratie over dingen die beter kunnen ontstond het boek  Werken als een gek. Sweens schreef dat voor zowel werkgevers als werknemers. Want ‘it takes two to tango’. “Wie op de werkvloer open durft te zijn over zijn psychische kwetsbaarheid, verdient een werkgever die begrijpt dat die openheid moed vergt en die bereid is mee te zoeken naar de juiste ondersteuning. Tegelijkertijd verdient de begrijpende werkgever een werknemer die niet alle verantwoordelijkheid voor zijn welbevinden bij die werkgever neerlegt, maar daarin zelf ook een actieve rol pakt.”

Met haar boek reikt de auteur zowel werknemer als werkgever handvatten aan om het gesprek aan te gaan met elkaar en laat ze zien dat als er van beide kanten goodwill is, er geen ingewikkelde maatregelen nodig zijn om elkaar te versterken.

Minister Schippers ondersteunt de aanpak van Sweens en schreef het voorwoord in het boek. Tijdens het eerste Depressiegala op 25 januari 2016 mocht Marieke Sweens haar eigen boek uit handen van minister Schippers ontvangen.

Meer lezen over Marieke Sweens kan op haar site Tikkeltje gek.

Foto: Hielco Kuipers


Tags: