Nederlands Kenniscentrum Angst en Depressie

Vaker depressie bij mensen met autisme in combinatie met een hoog IQ

23 augustus 2018 - Geplaatst onder: Depressie

Bijna de helft van de volwassenen met autisme zal in hun leven een klinische depressie ervaren, volgens nieuw onderzoek gepubliceerd in de Journal of Abnormal Child Psychology. De onderzoekers concluderen dat depressie het meest voorkomt bij personen met autisme die een bovengemiddelde intelligentie hebben. 

Een depressie kan verwoestende gevolgen hebben voor mensen met autisme, waaronder verlies van eerder geleerde vaardigheden, grotere problemen bij het uitvoeren van alledaagse taken en in het slechtste geval zelfdodin. Mensen met autisme moeten regelmatig worden gescreend op depressie, zodat ze snel de juiste behandeling krijgen.

Autisme is een aandoening die problemen met sociale interacties en beperkte repetitieve patronen van gedrag met zich meebrengt. Autisme verhoogt ook het risico op ernstige psychische aandoeningen. Tot nu toe wisten onderzoekers en behandelaren niet hoeveel personen met autisme door depressie werden getroffen.

Het onderzoek, die een systematische review van bijna 8000 onderzoeksartikelen inhield, toont nu duidelijk bewijs dat depressie veel voorkomt bij zowel kinderen als volwassenen met autisme. Het onthult ook dat depressie vaker voorkomt bij personen met autisme die een hogere intelligentie hebben.

Symptomen van depressie en autisme

Klinische depressie wordt gedefinieerd in het diagnostisch en statistisch handboek van psychische stoornissen door een langdurig patroon van negatieve gemoedstoestanden.

Bijkomende symptomen omvatten verlies van interesse in activiteiten, fysiologische veranderingen (bijvoorbeeld slaap, eetlust of energieverstoring), cognitieve veranderingen (bijvoorbeeld gevoelens van waardeloosheid, problemen met aandacht) en suïcidale gedachten of acties.

Depressie bij autisme wordt bepaald door dezelfde criteria, maar het kan moeilijker zijn om de symptomen te herkennen. Personen met autisme hebben vaak moeite om hun gevoelens te uiten en te communiceren.  Behandelaren moeten mogelijk een beroep doen op waargenomen gedragsveranderingen of meldingen van anderen die dicht bij het individu staan ​​om een ​​diagnose te stellen.

Lees meer over het onderzoek op GGZ Nieuws, of lees het originele artikel op The Conversation.


Tags: