Nederlands Kenniscentrum Angst, Dwang, Trauma en Depressie

Actieve kinderen hebben minder kans om later depressie te krijgen

16 januari 2017 - Geplaatst onder: Depressie

Een nieuw Noors onderzoek toont aan dat kinderen die meer bewegen minder kans op depressie lopen dan hun minder actieve leeftijdgenoten. Het is de eerste keer dat er onderzoek is gedaan naar het effect van  beweging op de ontwikkeling van depressie op jonge leeftijd. Net als bij volwassenen staat nu vast dat fysieke activiteit een blijvend positief effect heeft op de mentale gesteldheid van kinderen.

Uit eerdere onderzoeken is al gebleken dat beweging een positief effect kan hebben op de gemoedstoestand van volwassenen. De invloed van fysieke activiteit op de mentale gezondheid van kinderen is echter nog niet eerder onderzocht. Een reden daarvoor is dat depressie en andere mentale aandoeningen meestal pas zichtbaar worden vanaf de puberteit. Studies onder jongeren starten daarom doorgaans pas bij deze leeftijdsgroep. Reden voor de onderzoekers van Trondheim om zich nu eens te richten op kinderen in hun mid-kinderjaren, beginnend bij de leeftijd van 6 jaar.

Doelgroep van 6-10 jaar

Het onderzoek naar de invloed van beweging op depressie halverwege de kindertijd werd uitgevoerd aan de Universiteit in Trondheim, Noorwegen. Hiervoor volgden de onderzoekers 795 kinderen op hun zesde jaar, 699 op hun achtste en 702 op hun tiende jaar. Alle kinderen werd gevraagd om de activiteitentracker de hele dag te dragen. Alleen tijdens het wassen mochten ze de band afdoen. Voor het vaststellen van eventuele symptomen van depressie, interviewden de onderzoekers zowel de kinderen als hun ouders.

Gemiddelde hoeveelheid beweging per dag

Uit de metingen bleek dat kinderen van 6 jaar gemiddeld 1.19 uur per dag matig tot intensieve bewogen, terwijl ze 8.58 uur niet actief doorbrachten, met zittende activiteiten, zoals eten, spelletjes spelen en tv kijken. Op 8-jarige leeftijd was de actieve tijd gemiddeld 1.18 uur per dag en 9.22 uur niet actief. De kinderen van 10 jaar registreerden tot slot gemiddeld 1.09 uur aan beweging en 9.94 uur aan stilzittende tijd.

Activiteit heeft positieve invloed op depressie

De onderzoekers onderzochten de kinderen vervolgens middels interviews op negen verschillende symptomen van depressie. De kinderen van 6 en 8 jaar die gematigde tot intensieve fysieke activiteit (Higher moderate-to-vigorous physical activity – MVPA) hadden geregistreerd, bleken twee jaar later een minder groot risico te hebben om symptomen van depressie te ontwikkelen. Elk extra uur van fysieke activiteit leek bovendien te zorgen voor een bescheiden vermindering van het aantal symptomen. ‘Ons onderzoek laat zien dat meer fysieke activiteiten kinderen voor depressie kan behoeden,’ concludeert Dr. Tonje Zahl, leider van het Noorse onderzoeksteam, dan ook.

Geen  rechtstreeks bewijs geleverd

Zahl wijst echter tegelijkertijd op de beperkingen van het onderzoek. Een daarvan is dat symptomen van depressie niet noodzakelijk ook tot een depressie hoeven te leiden. Slechts bij enkele kinderen die aan de studie hebben meegedaan, is uiteindelijk daadwerkelijk de diagnose depressie vastgesteld. Bovendien betrof het een observatieonderzoek. Bij een dergelijke studie wordt het feitelijke gedrag van de doelgroep geobserveerd, en niet vastgesteld door bijvoorbeeld het invullen van vragenlijsten. Het onderzoek biedt dus geen rechtstreeks bewijs dat meer sporten tot een verminderde kans op depressie leidt.

Bewegen heeft positief effect op gemoed

De studie onderschrijft niettemin wel eerdere onderzoeksresultaten dat beweging een positief effect heeft op iemands gemoedstoestand. Hiervoor zijn meerdere biologische verklaringen te noemen. Bij sporten komen bijvoorbeeld dopamine, serotonine en endorfine vrij. Deze stoffen kunnen de stemming verbeteren en/of gevoelens van depressie verminderen. Fysieke activiteit kan daarnaast de aanmaak van het stresshormoon cortisol verminderen. Sporten biedt nog meer voordelen, die indirect de kans op depressie kunnen verminderen. Deze zijn algemeen bekend. Denk bijvoorbeeld aan een verminderd gevoel van stress, meer sociale interactie, betere leerprestaties en een verhoogd en beter zelfvertrouwen.

Nu bewegen is goed voor later

Volgens Dr. Larry Rosen, professor emeritus  Pychologie aan de California State University, laat het onderzoek goed zien dat kinderen net als volwassenen blijvende positieve effecten van bewegen kunnen hebben. ‘De boodschap is duidelijk’, aldus Rosen, die zelf niet bij het onderzoek betrokken was, tegen Fox News. ‘Nu bewegen zorgt dat je je later beter voelt.’


Tags: