Nederlands Kenniscentrum Angst en Depressie

Telezorg ongeschikt voor patiënten met hartfalen

22 maart 2017 - Geplaatst onder: Depressie

Ouderen en mensen met een mindere conditie blijven steeds langer zelfstandig thuis wonen. Zelfzorg is nodig om buiten het ziekenhuis te blijven en telezorg zal naar verwachting steeds vaker nabije zorg vervangen. Uit onderzoek blijkt echter dat telezorg niet zonder risico is. Vooral voor patiënten met een depressie die ook aan hartfalen lijden, is zelfzorg niet geschikt.

Bij telezorg of zorg op afstand helpt de arts de patiënt bij zelfzorg vanuit huis. De arts overlegt met de patiënt via de app. Hij zorgt dat de patiënt zich aan de leefregels houdt en grijpt in als het nodig is. Uit onderzoek van professor Steffen Pauws blijkt echter dat telezorg niet geschikt is voor patiënten met een depressie én hartfalen. Pauws promoveerde deze maand met dit onderwerp aan Tilburg University.

Aanmerkelijke gezondheidswinst

Telezorg behelst het idee om mensen onafhankelijk in hun eigen huis te laten blijven wonen met ondersteunende technologieën. Dit levert aanmerkelijke gezondheidswinst op voor de patiënt, een vermindering van 34% op de kans op vroegtijdig overlijden, een vermindering van 21% op het aantal spoedopnames en een merkbare verbetering in de kwaliteit van leven.

Een aantal studies suggereert echter dat patiënten, ongeacht de ernst van hun hartfalen en andere aandoeningen, gemiddeld bijna een anderhalf keer hoger overlijdensrisico hebben als hun hartfalen gepaard gaat met een depressie dan in het geval van hartfalen alleen.

Sociaalpsychologische factoren

Maar ook een aantal andere sociaalpsychologische factoren, naast depressie, spelen bij hartfalen een negatieve rol in het ziektebeloop. Deze factoren zijn het alleen wonen zonder partner, een cognitieve beperking en een verhoogde kwetsbaarheid voor gezondheidsproblemen vanwege het ouder worden.

Pauws: “Er valt dus nog veel te leren over hoe telezorg het beste werkt voor patiënten met hartfalen en voor de sociaalpsychologische problematiek. Voordat de mate van zelfzorg bij de patiënt vergroot kan worden, zou adequate zorg rondom deze problematiek bij patiënten eerst moeten verminderen. In Nederland zouden de huisarts, praktijkondersteuners en de GGZ, naast de cardioloog uit het ziekenhuis, een samenwerkende rol moeten spelen in deze nieuwe zorgvorm.”  Telezorg in een samenwerkende zorgcontext kan een effectief recept zijn voor deze specifieke uitdagingen.

Bron: Tilburg University